Pootgoedteelt
Averis is verantwoordelijk voor de volledige productie en distributie van het pootgoed van haar rassen. Hiervoor werken wij samen met een zorgvuldig geselecteerde groep van meer dan 80 gespecialiseerde pootgoedtelers in het noorden van Nederland. Door de pootgoedvoorziening zelf te plannen, organiseren en controleren, waarborgen wij een constante en hoge kwaliteit.
Averis-rassen zijn ontwikkeld met als doel een zo hoog mogelijke zetmeelopbrengst te realiseren, in combinatie met sterke resistenties tegen onder andere aardappelmoeheid (AM) en wratziekte. Omdat zetmeel vooral later in het groeiseizoen wordt gevormd, zijn rassen met een hoog zetmeelgehalte doorgaans late rassen. Dit vraagt om een gerichte teeltaanpak.
- 80 gespecialiseerde pootgoedtelers
- Productie en distributie in eigen beheer
- Constante en hoge kwaliteit
Voorkiemen
Late rassen hebben voldoende groeidagen nodig. Door goed voor te kiemen kan de teelt met 7 tot 10 dagen worden vervroegd. In de praktijk geeft vroeg planten meestal het beste resultaat.
Bemesting
Bij late rassen is een gematigde stikstofbemesting belangrijk. In de teeltbeschrijvingen per ras zijn de aanbevolen bemestingsniveaus daarom bewust aan de lage kant gehouden.
Rooien, bewaren en sorteren
Door het hoge drogestofgehalte zijn de aardappelen gevoeliger voor beschadiging en blauw. Na loofdoding is het belangrijk om voldoende tijd te nemen voor afharding. Looftrekken kan helpen om de rooibaarheid te verbeteren. Als het loof slecht loslaat, is beter dit mee in te schuren.
Na de oogst is snel drogen essentieel om de kwaliteit te behouden. Bij rassen met een hoog onderwatergewicht wordt bij latere sortering het draaien of omkisten van kisten aanbevolen. Daarnaast is het belangrijk dat de aardappelen vóór bewerking voldoende worden opgewarmd.